Intensiever onderzoek op ringrot

Pootgoedtelers die pootgoed snijden voor de pootaardappelenteelt worden in 2011 intensiever bemonsterd op ringrot. De verhoogde intensiteit geldt voor het hele bedrijf en staat los van het aantal partijen, dat voor uitplant is gesneden. De recente ringrotvondsten in pootaardappelen tonen aan dat de gevreesde ringrotbacterie zich door snijden veel sneller kan verspreiden. Door een intensiever onderzoek kunnen ringrotbesmettingen eerder worden opgespoord.

Herkomst ringrotbesmetting
Uit het onderzoek naar de 3 recente ringrotbesmettingen bij telers in Flevoland en in de Wieringermeer blijkt dat er gebruik is gemaakt van partijen pootgoed die klonaal verwant zijn. Eén van de betrokken bedrijven heeft pootgoed gesneden en daarmee de bacterie verspreid. De nu besmet bevonden partijen zijn hier nateelt van.

Risico door snijden
Snijden brengt meerdere risico's met zich mee. Is de partij (licht) besmet, dan bouwt door snijden de bacterie heel snel op binnen de partij. Daarnaast kan de bacterie zich makkelijker verspreiden naar andere partijen. Hoe zwaarder besmet, hoe groter het risico. Het risico op het overbrengen van besmet bacterieslijm op kisten en machines is sowieso heel groot voor gesneden aardappelen. De besmet geraakte kisten en machines vormen, zelfs voor meerdere jaren, een nieuwe bron van besmetting. Ook een groot verspreidingsrisico vormen besmette snijmachines, die niet grondig worden gereinigd en ontsmet.

Intensievere bemonstering in 2011
Pootgoedpartijen worden in de integrale toetsing regulier onderzocht met een intensiteit van één monster per partij (door keuringsdienst NAK). Indien sprake is van een ‘verhoogd risico', wordt de intensiteit verhoogd naar 1 monster per 25 ton. Dit verhoogt de vindkans van een (lichte) besmetting. Vanaf 2011 wordt het snijden van pootgoed voor de pootgoedteelt ook als een ‘verhoogd risico' gezien. Voor de integrale toetsing van pootaardappelen van oogst 2011 gaat daarom de intensiteit van 1 monster per 25 ton gelden voor bedrijven die pootgoed snijden voor de pootgoedteelt.

Vrijstelling toetsing
Voor zogenoemd ATR pootgoed voor de eigen teelt van consumptieaardappelen geldt een vrijstelling van de integrale toetsing. Deze vrijstelling vervalt bij het snijden van pootgoed voor de teelt van ATR pootgoed. Voor telers van ATR pootgoed, die voor de teelt van ATR pootgoed snijden, geldt ook de intensievere bemonstering van 1 monster per 25 ton.

De keuringsdienst NAK gaat controles uitvoeren op het snijden van het gebruikte pootgoed.

Bron: nVWA